Wie bij een renovatie kozijnen, ramen of deuren vervangt, moet volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) uitkomen op een U-waarde van ten hoogste 2,2 W/m²·K, of op het rechtens verkregen niveau als dat beter is. Technisch is het vervangen van een kozijn vergunningvrij; of het ook ruimtelijk vergunningvrij is, hangt af van de gevel en van het profiel. Het meeste werk zit in de aansluiting op de spouwmuur: latei, waterkering, isolatie en een luchtdichte naad.

Stap 5 van 9 in Een woning renoveren · vorige stap: Gevel na-isoleren · volgende stap: Dak isoleren

Vooraf: wat het Bbl eist

Isolatie. Bij het vernieuwen of vervangen van ramen, deuren en kozijnen geldt een warmtedoorgangscoëfficiënt (U-waarde) van ten hoogste 2,2 W/m²·K, bepaald volgens NTA 8800, of het rechtens verkregen niveau als dat hoger is (art. 5.20 lid 2). Dat is het niveau dat vlak vóór de verbouwing was toegestaan (art. 5.5). Volgens IPLO geldt dezelfde 2,2 ook als de kozijnen deel zijn van een ingrijpende renovatie. Het nieuwbouwniveau, met daarbovenop een gemiddelde van ten hoogste 1,65 W/m²·K (art. 4.153), eist het Bbl bij verbouw alleen bij het geheel oprichten of geheel vernieuwen van een dakkapel of een bijbehorend bouwwerk, zoals een uitbouw (art. 5.20 lid 3). De eis gaat over het raam, de deur of het kozijn als geheel, niet alleen over het glas; vraag de leverancier dus om die waarde.

Spuiventilatie. Vervangt u draaiende ramen door vast glas, dan verdwijnt een deel van de mogelijkheid om snel te luchten. Ook voor bestaande woningen eist het Bbl per verblijfsruimte een spuivoorziening van ten minste 3 dm³/s per m² vloeroppervlak, die ook met de gewone ventilatievoorziening gehaald mag worden (art. 3.73). Bij verbouw geldt het rechtens verkregen niveau (art. 5.4 en 5.5): de spuicapaciteit mag niet lager worden dan vóór de verbouwing, en nooit lager dan deze 3 dm³/s per m² voor bestaande bouw (art. 5.5 lid 2).

Ventilatieroosters. Een ventilatierooster is volgens IPLO een voorziening voor de aanvoer van verse lucht, en daarmee een voorziening voor luchtverversing. Bij het installeren daarvan gelden eisen aan de plaats van de toevoeropening (onder meer ten minste 2 m van de perceelsgrens, en voldoende verdunning van afgevoerde lucht en van rookgas, bijvoorbeeld van de cv-ketel) en aan de aanvoer van verse lucht rechtstreeks van buiten (art. 5.15 met art. 4.126, 4.127 en 4.138 lid 1); niet als een bestaande voorziening wordt vervangen en de plaats van de toevoeropening gelijk blijft (art. 5.15 lid 2).

Inbraakwerendheid. Voor nieuwbouw eist het Bbl dat bereikbare ramen, deuren en kozijnen van een woning voldoen aan weerstandsklasse 2 van NEN 5096 (art. 4.99 en 4.100). Bij verbouw geldt ook hier het rechtens verkregen niveau (art. 5.4 en 5.5); het hoofdstuk over bestaande bouw kent geen inbraakeis.

Vergunning. Een kozijn of kozijninvulling is technisch vergunningvrij (art. 2.27 lid 2 onder c). Ruimtelijk is het vergunningvrij bij gewoon onderhoud in elke gevel, als detaillering, profilering en vormgeving niet veranderen, en bij een kozijn in de achtergevel of in een zijgevel die niet naar openbaar toegankelijk gebied is gekeerd (art. 2.29 onder a en e). Verandert in de voorgevel het profiel of de vormgeving, dan beslist het omgevingsplan. Aan een monument is ruimtelijk alleen gewoon onderhoud vergunningvrij (art. 2.30 lid 1), en bij een rijksmonument is wijzigen bovendien een vergunningplichtige rijksmonumentenactiviteit (Omgevingswet art. 5.1 lid 1 onder b); in een rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht moeten daarbij ook kleur en materiaalsoort gelijk blijven, en geldt de rest van art. 2.29 alleen inpandig en aan een achtergevel die niet naar openbaar gebied is gekeerd (art. 2.30 lid 3).

Wordt de opening in het metselwerk vergroot of komt er een nieuwe latei, dan kan de draagconstructie veranderen. Dan valt dat deel van het werk buiten de vrijstelling voor verbouw (art. 2.27 lid 1 onder b) en is de technische bouwactiviteit vergunningplichtig (art. 2.26 lid 1 onder c). IPLO kijkt daarvoor naar het onderdeel waar het werk over gaat; een gevelopening of latei heeft zelf geen dak, net als de draagmuur in het voorbeeld van IPLO. De vrijstelling voor kozijnen (art. 2.27 lid 2 onder c) dekt het kozijn zelf, niet de wijziging van de draagconstructie eromheen. Het stelsel van kwaliteitsborging voor gevolgklasse 1 geldt niet voor verbouw (art. 2.17 lid 4). Laat een constructeur dat beoordelen. De uitleg over beide soorten vergunning staat in Een verbouwing voorbereiden.

Glas: HR++, triple of vacuüm

Milieu Centraal (pagina laatst gewijzigd op 14 oktober 2026) geeft deze U-waarden voor het glas:

GlasU-waarde glas (W/m²·K)
Enkelglas5,8
Dubbelglas2,7
HR++-glas1,0–1,2
Tripleglas0,4–0,9
Vacuümglas0,4–0,7

Het advies van Milieu Centraal: zijn de kozijnen nog goed, kies dan HR++-glas in de bestaande kozijnen; tripleglas vraagt nieuwe kozijnen. Kies bij tripleglas kozijnen met een U-waarde van 1,3 of lager, zodat er minder kans is op condens in of op het kozijn. Komen er toch nieuwe kozijnen, dan is tripleglas aan de schaduwkant volgens Milieu Centraal altijd de beste keuze; aan een zon-gevel is het een afweging, omdat tripleglas ook een deel van de zonnewarmte tegenhoudt.

Doorsnede van een houten raam met tripleglas: drie glasbladen met afstandhouders ertussen, en de dichtingen in het hout Foto: High Contrast, CC BY 3.0 DE, via Wikimedia Commons

Het werk in volgorde

Verticale doorsnede van een kozijn in een spouwmuur: latei en waterkering boven de opening, bovendorpel, glas, onderdorpel met waterslag en raamdorpel, de naden tussen kozijn en binnenblad, en de isolatie die op het kozijn moet aansluiten

  1. Opname en inmeten (vakbedrijf). Per kozijn de maten, het materiaal, de staat en welke delen open moeten kunnen. Milieu Centraal raadt aan eerst te kijken of vervangen nodig is: houten kozijnen die nog goed zijn, kunnen meestal dikker glas krijgen door de sponningen uit te frezen. Bij kozijnen en ruiten van vóór 1994 kan asbesthoudende kit of stopverf zijn gebruikt (Milieu Centraal); laat dat vooraf controleren (zie stap 1 en stap 2).
  2. Oud kozijn eruit (vakbedrijf). Nu is te zien of de latei in goede staat is en of de spouwankers rond de opening intact zijn. Zit er nog geen isolatie in de spouw, let dan op vleermuizen: volgens Milieu Centraal kunnen zij via de naden naast het kozijn in de spouw komen, en mag u die naden onder de natuurbeschermingsregels van de Omgevingswet niet zomaar dichten.
  3. Aansluiting op de spouwmuur (vakbedrijf). Boven de opening draagt de latei het metselwerk; een waterkering daarboven voert vocht uit de spouw naar buiten. Onder het kozijn laten de onderdorpel met waterslag en de raamdorpel het regenwater van de gevel aflopen. De spouwisolatie moet goed aansluiten op het (stel)kozijn (Milieu Centraal); een gat in de isolatie is een koudebrug.
  4. Plaatsen en afdichten (vakbedrijf). Naden en kieren zitten volgens Milieu Centraal tussen kozijn en muur, tussen glas en kozijn, en tussen draaiend deel en vast kozijn; voor ramen die open kunnen raadt Milieu Centraal dubbele kierdichting en meerpuntssluiting aan. De naad tussen kozijn en binnenblad wordt luchtdicht gemaakt; de aanpak voor de hele woning staat in stap 7, Woning luchtdicht maken en ventileren.
  5. Ventilatie regelen. Bij balansventilatie zijn geen roosters nodig; bij mechanische ventilatie wel, voor de aanvoer van lucht, en bij natuurlijke ventilatie soms ook (Milieu Centraal). Neem ze dan meteen mee in het nieuwe raam of kozijn.
  6. Afwerking (vakbedrijf of zelf). Aftimmeren en afkitten binnen, vensterbank en dagkanten. Lakt u nieuwe houten kozijnen zelf af, laat ze dan vóór plaatsing twee keer in de grondverf zetten (Milieu Centraal).

De professional-grens. Milieu Centraal noemt kozijnen vervangen een klus voor een vakspecialist, en ook HR++- of tripleglas laat u het beste door een vakkundig bedrijf plaatsen. Voor ISDE-subsidie is het een voorwaarde: het werk wordt uitgevoerd door een bouw(installatie)bedrijf (RVO). Zelf doen kan bij de afwerking binnen. Een hele woning krijgt volgens Milieu Centraal in vijf werkdagen nieuw glas en kozijnen.

Waar het misgaat

  • Koudebrug bij de aansluiting. Sluit de spouwisolatie niet aan op het kozijn, of geleidt het kozijn zelf warmte, dan ontstaat een koude rand rond het raam. Bij aluminium en staal adviseert Milieu Centraal een thermische onderbreking. Hoe zo’n lijnvormig verlies wordt uitgedrukt, staat bij psi-waarde.
  • Condens op het verkeerde glas. Condens aan de buitenkant van HR++- of tripleglas is volgens Milieu Centraal normaal en een teken van goede isolatie. Condens tussen de glasplaten betekent dat het glas lek is; aan de binnenkant kan het wijzen op slechte isolatie of te hoge luchtvochtigheid.
  • Goed glas in een verder koud huis. Met goed isolerende ramen in een woning die verder niet geïsoleerd is, kan volgens Milieu Centraal vocht neerslaan op de koudere muur, vloer of het dak.
  • Ventilatie vergeten. Nieuwe kozijnen met goede kierdichting halen de ongeregelde ventilatie via kieren weg. Milieu Centraal adviseert bij het vervangen na te gaan of er (nieuwe) ventilatieroosters nodig zijn. Hoe u de ventilatie regelt, staat in stap 7: Woning luchtdicht maken en ventileren.
  • Luchtlek tussen kozijn en muur. Blijft de naad tussen kozijn en binnenblad open, dan moet hij alsnog dicht in stap 7.
  • Zwaarder glas in oude ramen. Dikker glas in een draaiend raam vraagt volgens Milieu Centraal vaak nieuwe scharnieren, zeker als er eerst enkelglas in zat.

Kosten en besparing

Milieu Centraal (pagina’s laatst gewijzigd op 14 oktober 2026) rekent voor een hele woning, met een gasprijs van € 1,37 per m³ (gemiddelde 2026–2040). Het subsidiebedrag is de schatting van Milieu Centraal en komt overeen met het RVO-basisbedrag voor alleen glas (hoekwoning: 22 m² × € 25 = € 550). Voert u binnen 24 maanden nog een isolatiemaatregel uit, of combineert u het met een warmtepomp, zonneboiler of warmtenet, dan verdubbelt het bedrag (zie Subsidie).

TussenwoningHoekwoning
HR++-glas in bestaande kozijnen: kosten / subsidie / netto€ 4.400 / € 500 / € 3.900€ 4.700 / € 550 / € 4.150
Besparing: dubbelglas naar HR++65 m³ gas, € 90 per jaar70 m³ gas, € 90 per jaar
Besparing: enkelglas naar HR++250 m³ gas, € 350 per jaar260 m³ gas, € 350 per jaar
Tripleglas in nieuwe isolerende kozijnen: kosten / subsidie / netto€ 19.000 / € 2.300 / € 16.700€ 20.000 / € 2.400 / € 17.600
Besparing: dubbelglas naar triple100 m³ gas, € 145 per jaar110 m³ gas, € 155 per jaar
Besparing: enkelglas naar triple280 m³ gas, € 390 per jaar300 m³ gas, € 400 per jaar

Bij de hoekwoning rekent Milieu Centraal met 22 m² raam. Per kozijn noemt Milieu Centraal voor een isolerend houten kozijn met tripleglas zo’n € 1.800 bij een raam van 2 m² en € 5.500 bij 6 m²; kunststof is gemiddeld 5% goedkoper, aluminium 5% duurder.

Subsidie

ISDE-subsidie voor glas, deuren en panelen (RVO, pagina gecontroleerd op 17 september 2026), voor werk uitgevoerd vanaf 1 januari 2025:

MaatregelIsolatiewaarde (W/m²·K)Basisbedrag per m² (verdubbelt, zie hieronder)
HR++-, triple- of vacuümglas zonder nieuwe kozijnenHR++: U ≤ 1,2; triple en vacuüm: U ≤ 0,7€ 25
Triple- of vacuümglas in nieuwe isolerende kozijnenU ≤ 0,7€ 111
Isolerend paneel in kozijn≤ 1,2 en hoger dan 0,7€ 10
Isolerend paneel in nieuw kozijn≤ 0,7€ 45
Isolerende deur≤ 1,5 en hoger dan 1,0€ 25
Isolerende deur≤ 1,0€ 111

Voorwaarden volgens RVO:

  • in totaal minimaal 3 m² en maximaal 45 m²; panelen en deuren alleen samen met HR++-, triple- of vacuümglas;
  • alleen de m² waarmee oude ramen, panelen of deuren worden vervangen, gemeten vanaf de binnenkant: het glas inclusief het kozijn;
  • sinds 2026 geen subsidie-eis meer van een Uf-waarde van maximaal 1,5 W/m²·K voor de nieuwe kozijnen (de Bbl-eis van 2,2 blijft gelden);
  • uitgevoerd door een bouw(installatie)bedrijf, met een product van de meldcodelijst Hoogrendementsglas, in een woning gebouwd vóór 1 januari 2019 (of met een omgevingsvergunning aangevraagd vóór 1 juli 2018);
  • aanvragen binnen 24 maanden ná het werk, met de kozijn- en/of glasstaat; voor glas mag dat binnen 24 maanden na het eerste glas een tweede keer;
  • voor een deur met U ≤ 1,0 of een paneel met U ≤ 0,7 stuurt u een verklaring van het bouwbedrijf mee; vacuümglas in nieuwe kozijnen vraagt u aan onder meldcode ‘overige’;
  • het bedrag verdubbelt bij meer dan één isolatiemaatregel binnen 24 maanden, of met een warmtepomp, zonneboiler of warmtenet; niet als u isolatie alleen met ventilatie combineert.

Begroten

Voor de begroting van deze stap trekt u uit:

  • aantal kozijnen, met per kozijn de maat en het aantal draaiende delen (een kozijnstaat);
  • m² glas per soort, en m² panelen en deuren;
  • strekkende meter aansluiting: de omtrek van elk kozijn, binnen af te dichten en buiten af te werken;
  • strekkende meter waterslag en raamdorpel, en het aantal lateien dat hersteld of vervangen moet worden;
  • ventilatieroosters: aantal of strekkende meter;
  • afwerking binnen: vensterbanken, aftimmering en dagkanten in strekkende meter;
  • steiger voor de kozijnen op de verdieping;
  • afvoer van oude kozijnen en glas; vensterglas hoort volgens Milieu Centraal niet in de glasbak;
  • bij kozijnen van vóór 1994: een asbestcontrole van kit en stopverf.

Voor aannemers die zulke hoeveelheden in een calculatie verwerken: Calcurabouw, van de uitgever van deze site, is bouwsoftware met calculatie, planning, inkoop en facturatie in één systeem.

Veelgestelde vragen

Heb ik een vergunning nodig voor nieuwe kozijnen?

Technisch niet (art. 2.27 lid 2 onder c), tenzij de opening of de latei zo verandert dat de draagconstructie wijzigt (art. 2.26 lid 1 onder c). Ruimtelijk niet aan de achtergevel of een niet-openbare zijgevel, en ook niet in de voorgevel als detaillering, profilering en vormgeving gelijk blijven (art. 2.29 onder a en e). Andere gevallen bepaalt het omgevingsplan; bij een monument of in een rijksbeschermd gezicht gelden strengere regels (art. 2.30).

Kies ik HR++- of tripleglas?

Blijven de kozijnen, dan HR++; tripleglas vraagt nieuwe kozijnen (Milieu Centraal). Voor de ISDE-subsidie van € 111 per m² moet het tripleglas in nieuwe isolerende kozijnen zitten; anders geldt het lagere bedrag van HR++ (RVO).

Zie ook